U bevindt zich hier: Informatief Steden Wenen  
 STEDEN
Barcelona
Berlijn
Lissabon
Londen
Milaan
Munchen
Napels
Madrid
Parijs
Rome
Wenen
 INFORMATIEF
Weer- en verkeersinfo
Consumentenzaken
Juridische onderwerpen
Naslagwerken
TV Gidsen
Overheid
Opinie
Geldzaken
American Express
Eurototaal
Spaarbeleg
Team Makelaar
Pensioenmaatwerk
Hypotheken
Financieringen
Verzekeren
Landen
Steden
Textiel en kleding
Flora

WENEN
 

Wenen

Wenen
(Duits: Wien, Beiers: Wean) is de hoofdstad van Oostenrijk en vormt sinds 1922 een eigen deelstaat. Het ligt in het uiterste oosten van het land aan de rivier de Donau. De stad heeft 1.631.082 inwoners (2005), en is daarmee veruit de grootste stad en het cultureel en politiek centrum van Oostenrijk. Internationale organisaties die hun hoofdkwartier in Wenen hebben zijn UNIDO, OPEC, IAEA en CIOFF.

Wenen is sinds lang een centrum van klassieke muziek en opera. Het Wiener Philharmoniker weet sinds de toepassing van televisie het oog van de wereld op zich gericht bij de traditionele uitzending van het Nieuwjaarsconcert, dat door meer dan een miljard kijkers wordt gevolgd. Het orkest werd in oktober 2006 door kenners verkozen tot "beste orkest van Europa", nipt gevolgd door het Concertgebouworkest en op afstand het Berliner Philharmoniker.[1]

Beroemde componisten die in Wenen gewoond en gewerkt hebben zijn onder meer Christoph Willibald Gluck, Wolfgang Amadeus Mozart, Joseph Haydn, Ludwig van Beethoven, Franz Schubert, Johannes Brahms, Anton Bruckner, Johann Strauss sr., Johann Strauss jr., Gustav Mahler, Arnold Schoenberg, Alban Berg, Anton Webern en György Ligeti.

Wenen telt vele bouwwerken uit de barok, maar ook uit andere stijlperioden. Het zomerpaleis van de Oostenrijkse keizers, Schönbrunn, had de intentie Versailles naar de troon te steken. Hoewel het kleiner is dan de Franse tegenhanger blijft het groot en indrukwekkend. De Stephansdom, gebouwd in de 12e eeuw, kardinaalszetel, is ook vermeldenswaard. De Minorietenkerk (Minoritenkirche) uit de 12e en 13e eeuw is opgetrokken in Frans-gotische stijl. De binnenstad van Wenen staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO. De "Pestturm" in de Graben, een straat die loopt naar de Stephansdom, staat midden op het rondpunt. De "Di Patri Creatori", Pestturm, werd opgericht nadat in de 16e eeuw de pest in Wenen uitbrak en 16.000 slachtoffers eiste. Omdat er zoveel mensen in korte tijd stierven, konden zij niet allemaal zo gauw begraven worden. Daarom werden ze in de catacomben, onder de Stephansdom, in ingemetselde zalen begraven. Tegenwoordig kan men door een uitgekapt gat in de muur de bergen schedels en botten zien liggen.

De Kapuzinergruft of "Kaizersgruft" is de algemene begraafplaatskapel, van alle keizers en keizerinnen, prinsen, alsook aartshertogelijke families en kinderen van hen. Ze liggen er allemaal begraven naargelang hun overlijdensperiode. Het graf van Maria-Theresia en haar echtgenoot Franz I is een hoog imposant grafmonument. Keizer Franz Josef I, Elisabeth van Oostenrijk-Hongarije (Sissi), keizer Karel I van Oostenrijk en als laatste, keizerin Zita van Bourbon-Parma liggen er als laatsten begraven. Hun doodskisten van deze laatsten, staan er opgebaart. De Keizersgroeve is te bezichtigen.

In het begin van de 20e eeuw bloeiden in Wenen de aan art nouveau verwante Sezession en Jugendstil schilderstijlen. Belangrijkste proponenten waren Gustav Klimt (schilderkunst) en Otto Wagner (architectuur). De bekendste werken van Klimt zijn De Kus en Judith. Wagner ontwierp onder andere vele stations van de Wiener Stadtbahn, de Postsparkasse (postkantoor) en de Kirche am Steinhof.

Het interbellum, de periode tussen 1918 en 1938, kenmerkt zich door Het rode Wenen. Wenen ontwikkelde zich in die periode tot een socialistische stad. Overal werd sociale woningbouw verricht. Het beste voorbeeld hiervan is de Karl Marx Hof in Heiligenstadt (noordelijk Wenen). Dit gebouwencomplex werd tussen 1927 en 1930 gebouwd door Karl Ehn, een leerling van Otto Wagner, en omvat 1382 woningen. Na de burgeroorlog van 1934 eindigde deze periode.

Een ander voorbeeld van bijzondere sociale woningbouw is het Hundertwasserhaus, in 1985 gebouwd door Friedensreich Hundertwasser. Het gebouw kenmerkt zich door de felle kleuren, onregelmatige vormen en het vele groen. Hundertwasser ontwierp ook de vuilverbrandingsoven in Spittelau (noordelijk Wenen).

Toeristische attracties

Buiten de vele monumentale paleizen en kerken zoals Schloss Schönbrunn biedt Wenen nog meer toeristische attracties.Zo is er het in 1897 gebouwde reuzenrad. Het werd gebouwd door de Brit Walter Basset, is 67 meter hoog en draait met 75 centimeter per seconde. Het reuzenrad weegt 410 ton. In 1945 verloor het rad bij een brand na een bombardement van het Sovjetleger de helft van zijn gondels. Het rad is vrij toegankelijk. Voor een bezoek aan het rad kan men zich voor ongevallen laten verzekeren bij de Weense Interunfall Versicherung. Het ronddraaiende rad stopt soms met tussenpozen, om mensen te laten instappen in de gondels, zodat men ruimschoots de tijd krijgt om een zicht boven Wenen te krijgen.

Het Prater is vanoudsher een keizerlijk jachtgebied, dat bestaat uit drie delen. Het Wurstelprater is een kermis met diverse attracties waaronder het reuzenrad. Daarnaast bevindt zich een beurscomplex met sportfaciliteiten, waaronder het Ernst Happel Stadion. De rest van het terrein is één groot park.

Kunsthistorisches Museum Het Haus des Meeres (Huis van de Zee) is een groot aquarium, dat gevestigd is in één van de zes luchtafweerbunkers uit de Tweede Wereldoorlog. Deze zgn. Flaktürme bevinden zich op drie plaatsen in de stad en zijn zo groot dat ze niet opgeblazen of afgebroken kunnen worden. De twee torens in de wijken Neubau en Mariahilf zijn vanuit de binnenstad op vele punten zichtbaar. Het nieuwe Museumsquartier is een combinatie van oude en nieuwe musea, direct in de binnenstad. De Wiener Sängerknaben, een jongenskoor dat in 1498 werd gesticht door Maximiliaan I. Het koor zingt werken van Mozart, Schubert en Haydn in de zondagsmissen van de Burgkapelle.

De Lippizaner paarden van de Spaanse Rijschool zijn wereldberoemd. In de zomermaanden op vakantie en daarbuiten ver van tevoren reserveren. Als enige grote stad in de wereld groeien de wijnranken tot in de stad. De Weense wijken Grinzing en Nußdorf produceren goede wijnen van Zweigelt en Grüner Veltliner, twee typische Oostenrijkse druivensoorten. In een Heurige kun je wijn en spijs proeven in het restaurant van de wijnboer. Tiergarten Schönbrunn

De Weense keuken is een mengelmoes van verschillende culturen, zoals de stad Wenen dit zelf ook was als hoofdstad van het Oostenrijkse keizerrijk. Invloeden van Bohemen, Hongarije, Slowakije, Italië en de Balkanlanden zijn duidelijk te merken.

Enkele van de beroemdste gerechten:
Apfelstrudel Bauernschmaus, schotel met worstjes, hamsoorten, spek en een aardappelgerecht (bijvoorbeeld Knödeln)

Fiaker-Gulasch, goulash met Knödeln

Germknödel, gestoomde tarwedeegknoedel gevuld met Powidl (pruimencompote) en overgoten met boter of vanillesaus en bestrooid met suiker en maanzaad

Gugelhupf, een soort tulband

Kaiserschmarrn gerezen en in stukken gesneden pannenkoek met rozijnen, geserveerd met poedersuiker, pruimencompote (Powidl), appelmoes of vossebessen

Mohr im Hemd, chocoladepudding met hete chocoladesaus en slagroom

Sachertorte, chocoladetaart, gevuld met abrikozen en een dikke laag glazuur van het beroemde Hotel Sacher

Tafelspitz und G'röstel, schijven rundvlees met rösti

Topfenkuchen kwarkgebak

Wiener Schnitzel, gepaneerd kalfsvlees

Koffiecultuur

Daarnaast kent Wenen een lange en diepgaande koffietraditie. De stad kent 564 Kaffeehaüser, waar men een keur aan koffiesoorten en gebak serveert. Het bestellen van een kop koffie in Wenen is een vak apart. Iedere inwoner heeft zijn eigen favoriete combinatie, waarvan de meeste met warme melk zijn. Om deze reden worden koffiebonen in Oostenrijk anders gebrand dan in Nederland, de zgn. Wiener röstung. Een kop koffie wordt traditioneel geserveerd met een glaasje leidingwater, dat ook weer wordt bijgevuld. Een uurtje blijven zitten op één kop koffie met één van de vele kranten die beschikbaar zijn is geen uitzondering.

Enkele beroemde koffiehuizen:
Central, lijkt meer op een paleis dan op een café, ooit ontmoetingsplaats van beroemdheden, Herrengasse 14 Palais Festel

Café Dommayer, waar de wals aan zijn triomftocht door de wereld begon, vlak bij Schönbrunn, Dommayergasse 1

Café Hawelka, ontmoetingsplaats van kunstenaars (inclusief Nobelprijswinnares Elias Canetti), Dorotheergasse 6

Café Landtmann, ooit stamcafé van Sigmund Freud, vlak bij het Burgtheater, Dr. Karl Lügner Ring 4

Sacher, wellicht het beroemdste hotel ter wereld, inclusief de beroemde taart, Philharmonikerstraße 4

Café Sperl, het enige café dat op de monumentenlijst staat vanwege zijn authentieke kaffeehaus-interieur, beroemd om de strudel, Gumpendorfer Straße 11

Café Museum, ontworpen door Adolf Loos, Friedrichstraße 6

Weense / Oostenrijkse koffiespecialiteiten:

Brauner, kleiner / großer: Als een Schwarzer / Mokka, maar met melk geserveerd

Einspänner: Schwarzer / Mokka met veel slagroom, wordt met poedersuiker geserveerd in een glas

Fiaker: Schwarzer / Mokka met Rum, in een glas geserveerd

Franziskaner: Melange met slagroom i.p.v. melkschuim

Kaffee verkehrt: Warme melk met beperkte hoeveelheid koffie, zie ook Milchkaffee

Kaisermelange: Melange met eigeel en cognac

Kapuziner: Schwarzer / Mokka met een beetje slagroom, soms ook wat chocolade

Konsul: Schwarzer met koud water

Maria Theresia: Dubbele Schwarzer / Mokka met sinaasappellikeur in een glas geserveerd

Masagran: Koude koffie met ijs en maresquino likeur

Melange: Verlängerter met dezelfde hoeveelheid melk en melkschuim, vergelijkbaar met cappuccino maar vaak sterker

Milchkaffee: Warme melk met beperkte hoeveelheid koffie, zie ook Kaffee verkehrt
Mokka: Is hetzelfde als een Schwarzer

Mazzagran: Dubbele Schwarzer / Mokka, met ijsklontjes afgekoeld

Obermayer: Dubbele Schwarzer / Mokka met zeer koude slagroom

Pharisäer: Großer Brauner met cognac, rum of Irish cream

Ristretto: Zeer sterke, geconcentreerde Schwarzer, sterke espresso

Schale Gold: Als een Brauner, maar met wat meer melk

Schwarzer, kleiner / großer: Sterke zwarte koffie, zoals espresso onder druk bereid, zie ook Mokka
rkische: Turkse koffie
Verlängerter: Met water verdunde Brauner Wiener Eiskaffee: Gekoelde koffie met ijs en slagroom

Wenen is één van weinige steden waarbij je direct van de autosnelweg in de stad uitkomt zonder al te veel problemen. De westautobaan (A1) komt uit op de Wientalstraße. Met de trein vormen de stations Westbahnhof (treinen vanuit Duitsland, Zwitserland en Nederland) en Südbahnhof (zuiden en oosten van Europa) de belangrijkste knooppunten. Deze stations zijn aangesloten op een uitgebreid tram, bus, S-bahn en U-bahn netwerk. Zie ook Metro van Wenen.

Luchthaven Schwechat ligt een eindje buiten de stad, maar is via een snelle treinverbinding (15 minuten en duur) of een S-bahn verbinding (30 minuten en goedkoop) aangesloten op de rest van het openbaar vervoer. De stad wordt in de laatste jaren steeds fietsvriendelijker. Het aantal routes is uitgebreid. De ringstraat beschikt over een geheel vrijgelegen fietspad. Daarnaast is het stallen van fietsen en huren van fietsen geen enkel probleem. Hiervoor zijn speciale transferia aangelegd


 
 
Last minutes   Bungalows en huizen  Kampeervakanties 
Hotels  Vakantieparken  Reisbureaus 
Reisorganisaties  Vliegmaatschappijen  Vliegtickets bestellen 



Schonbrunn

Schloss Schönbrunn in Wenen is een van de belangrijkste culturele erfgoederen van Oostenrijk. Het is sinds de jaren 60 een van de drukstbezochte bezienswaardigheden in de hoofdstad. Het paleis ligt in het westen van de stad in de wijk Hietzing. Tot 1642 stond hier de Katterburg, een landgoed van de Weense burgemeester. De naam Schönbrunn zou terug gaan naar Keizer Matthias, die hier tijdens de jacht een mooie bron gezien zou hebben. Tegenwoordig telt het paleis 1441 kamers in alle soorten en groottes.
Geschiedenis

In 1559 liet keizer Maximiliaan II een klein jachtslot bouwen dat in de tijd die volgde meerdere malen afbrandde en uiteindelijk in 1683 tijdens het Beleg van Wenen door de Turken verwoest werd. Dit was reden voor Leopold I om de beroemde architect Johann Bernhard Fischer von Erlach opdracht te geven tot de bouw van een nieuw paleis. In 1688 had Fischer von Erlach zijn plannen klaar en tussen 1692 en 1713 werd het, zij het in gereduceerde vorm, uitgevoerd. Van deze bouw zijn slechts de slotkapel en de Blaue Stiege met een dakfresco van Sebastiano Ricci behouden.

Karl VI was in Schönbrunn niet geïnteresseerd. Zijn dochter Maria Theresia maakte er echter de zomerresidentie van de Habsburgers van, wat het tot 1918 zou blijven. In haar regeerperiode zou het, onder leiding van Nikolaus von Pacassi ingrijpend worden verbouwd. Von Pacassi leidde ook de verbouwing van de Hofburg. Ook het overgrote deel van de inrichting van het paleis stamt uit deze periode en geldt als enige voorbeeld van de Oostenrijkse rococo.

In 1765 neemt Johann Ferdinand Hetzendorf von Hohenberg, een vertegenwoordiger van het vroege classicisme, de bouwleiding. Zijn meeste bijzondere werk is de Gloriette, een bouwwerk dat de slottuin afsluit. Ook veel gebouwen in het slotpark zijn van de hand van Hetzendorf, zoals de bijzonder Romeinse ruïne, de eerste kunstmatige ruïne van dit type. De sculpturen in het park zijn grotendeels van Wilhelm Beyer en enkele van Franz Anton Zauner en Johann Baptist Hagenauer. Tussen 1817 en 1819 wordt de façade van het paleis in zijn beroemde Schönbrunn-geel geschilderd. Een kleur die in de daaropvolgende honderd jaar een kenmerk zal zijn voor Oostenrijk-Hongarije, en een voorbeeld zal blijken voor veel stations- en regeringsgebouwen. In een zijvleugel bevindt zich het beroemde Slottheater. Naast optredens van Joseph Haydn en Wolfgang Amadeus Mozart is het theater bekend als kweekvijver voor nieuw talent. In de paleistuin werd in 1752 de Tiergarten Schönbrunn ingericht door Franz I Stephan.

In 1945 werden het hoofdgebouw en een deel van de Gloriette door geallieerde bommen beschadigd. Tijdens de bezetting van Oostenrijk, door de vier geallieerde machten, werd het slot hoofdkwartier van de Britten. Destijds begon ook de restauratie. In 1996 werden paleis en tuinen door de UNESCO tot werelderfgoed verklaard. In 2004 volgde een renovatie van de zuidzijd


 

Prater



Het Prater is een groot park in Wenen, gelegen in het tweede district (Leopoldstadt), ten oosten van het stadscentrum. Met "Prater" wordt ook vaak verwezen naar een deel van het Prater dat ingericht is als attractiepark; dit deel wordt Wurstelprater of Volksprater genoemd. De bekendste attractie is het grote reuzenrad (Riesenrad) uit 1897. Het Wurstelprater beslaat slechts een klein deel van de totale oppervlakte van het Prater, die ongeveer 6 km² bedraagt.

Het Prater was oorspronkelijk een keizerlijk jachtgebied. In 1766 stelde keizer Jozef II het gebied open voor het publiek. In 1873 werd er de wereldtentoonstelling georganiseerd. Tot 1920 werd er nog gejaagd in het Prater. In het oorspronkelijke Prater zijn in de loop der tijd ook een industriegebied, het Ernst-Happel-Stadion en verschillende andere sportfaciliteiten verrezen. Ook de aanleg van de Südosttangente, een belangrijke autoweg, verkleinde het gebied.

Het  Ernst-Happel-Stadion  in Wenen, tot 1992 Prater-Stadion geheten, is het grootste stadion van Oostenrijk (50.000 plaatsen). Het werd gebouwd in 1931. Het stadion heeft, behalve het Oostenrijkse nationale team, geen vaste bespeler. Het stadion is vernoemd naar Ernst Happel, groot voetballer en trainer.